skip to Main Content

De neus van marskramer Job. Met een lach en een traan!

Een bezoek van marskramer Job

Als marskramer Job bezoek ik ouderen met dementie in verzorgings- en verpleeghuizen. Met een koffer, rugkorf of stofjas vol met prachtige herinneringen aan vroeger stap ik letterlijk in de belevingswereld van ouderen met dementie. Mijn bezoek is vooral afgestemd op de persoonlijke behoeftes van de ouderen. In het contact maak ik gebruik van alle zintuigen. Juist door geen plan of doel te stellen ontstaan vaak de mooiste contactmomenten. Een bijzonder contact waarin je de mens achter de dementie beter leert kennen en begrijpen. Ieder mens heeft een verhaal met zijn eigen geschiedenis en levenservaringen. Graag wil ik jullie meenemen in deze bijzondere ontmoetingen in de wondere wereld van ouderen met dementie. De naam van de bewoner is in het beschreven verhaal aangepast in verband met de privacy.

Met een lach en een traan

De eerste ontmoeting is met mevrouw Veer, die in een rolstoel zit. Bij binnenkomst in de huiskamer zwaait Job met een glimlach naar haar. Mevrouw Veer zwaait met een glimlach op haar gezicht terug. Even later gaat Job gehurkt op zijn knieën naast haar zitten. Mevrouw Veer ziet algauw de rode stip op de neus van Job en reageert hierop. “Je hebt een rode neus.” Job reageert met verbazing. “Het is toch niet helemaal rood?” Uit een van de zakken van zijn volgeladen stofjas haalt Job een klein handspiegeltje en bekijkt hoe rood zijn neus is. Mevrouw Veer lacht en zegt: “Het valt best mee hoor.” “Oh, het is maar een klein beetje,” laat Job weten en wijst met zijn vinger naar het puntje van zijn neus. “Je bent nog steeds knap hoor, je bent er echt niet minder om,” zegt mevrouw Veer geruststellend. “Je maakt de mensen wel aan het lachen.” Job gaat de uitdaging aan en laat de oude vrouw weten dat hij ook nog andere grotere neuzen heeft. Uit zijn jaszak pakt Job een grote ronde rode clownsneus en zet deze op. ”Ik zet altijd een rode neus op als ik het koud krijg,” vertelt Job. “Want ik houd helemaal niet van een blauwe neus.” Weer begint mevrouw Veer te lachen: “Je bent wel een gangmaker.” Job nodigt haar uit om ook even de rode clownsneus op te zetten. Job helpt haar bij het opzetten van de neus en pakt daarna het handspiegeltje erbij. Wanneer mevrouw Veer zichzelf in het spiegeltje ziet schiet ze in de lach: “Het wordt steeds mooier!

Job komt de huiskamer langzaam binnen. Aan tafel zit meneer Das, met een keukenschort voor. Hij heeft Job eerst nog niet zo in de gaten, maar wordt door een zorgmedewerker hierop gewezen. Job groet meneer Das en hij groet terug. Hij vraagt aan Job: “Bent u een clown?” “Ja,” antwoordt Job. Nieuwsgierig vraagt meneer Das wat Job komt doen. “Ik kom even op bezoek, wat woont u hier toch mooi.”. Job zet zijn koffertje op tafel en laat weten dat hij op doorreis is. Meneer Das vraagt belangstellend waar de reis naartoe gaat. ”Ik ga naar Amsterdam,” vertelt  Job. Meneer Das is zichtbaar aanslagen en reageert wat geëmotioneerd. “Daar kom ik ook vandaan.” Job zegt een versje op: Amsterdam, die grote stad, die is gebouwd op palen, als de stad om zou vallen, wie zou dat dan betalen? Algauw laat meneer Das weten: “Nou, ik niet.” Ook Job laat weten niet ver te zullen komen met de ‘1 cent muntjes’ die hij aan zijn jas heeft hangen. Job blijft nog even de verbinding houden tussen meneer Das en Amsterdam, waar zelfs zijn huidige woonplaats niet tegenop kan. Amsterdam is het echt helemaal!
Wanneer Job het liedje ‘Aan de Amsterdamse grachten’ begint te zingen, rollen de tranen over de wangen van meneer Das. Enkele andere bewoners proberen wat mee te zingen. Het verdriet is voelbaar en hartverscheurend. Een gevoel wat er ook zeker mag zijn, een gevoel wat weer heel even terugkwam door zijn herinneringen aan Amsterdam.

Gevoelens en emoties bij ouderen met dementie

Als Marskramer Job werk ik vanuit verschillende emoties en probeer rekening te houden met de gevoelsboodschap. Emoties die ontstaan mogen er ook zijn. Soms is dit met een lach of een traan. Het zien van een glimlach op iemands gezicht is waardevol moment. De lach is de eerste taal die je van jongs af aan leert. Lachen werkt niet alleen aanstekelijk, maar is ook heel gezond. Het geeft mensen een prettig gevoel en werkt stress verlagend. De glimlach is de taal die ouderen met dementie tot aan hun laatste levensfase begrijpen.

Ouderen met dementie reageren vaak vanuit gevoelens en emoties, bijvoorbeeld kunnen zij snel verdrietig zijn of zich juist sneller opgejaagd voelen. Geef ouderen met dementie de ruimte om gevoelens en emoties te kunnen uiten. Ontken of negeer deze emoties niet. Toon begrip en laat merken wat dit voor de ander betekent: ‘U komt uit Amsterdam vandaan en ik zie dat u geraakt bent door dit liedje. Wees oprecht in het contact. Ouderen met dementie hebben direct in de gaten wanneer je spreekt vanuit je hart en wanneer dit niet zo is.

Reactie van de verzorging: ‘Hoi Hugo, Wat mooi om je verslag te lezen, zo mooi en bijzonder. Ik had begrepen van mijn collega’s dat het bezoek voor herhaling vatbaar is. De bewoners hebben een fijne ochtend gehad.’

 

Back To Top